Rouge

Bij het aankleden weet ik niet wat ik aan moest trekken. Ik pak achterelkaar kleren uit de kast, blauwe broek met lage taille, blauwe broek met hoge taille, hemd van glimstof, hemd van ribstof. Alles zit niet goed, past niet, staat niet.

De bel van de tram. Ik schuif het gordijn opzij en kijk door het raam. Een meisje stapt uit. Groot uitgesneden witte jurk en helderblauwe sportschoenen. Ik kijk weer in de spiegel en zie de kleren op de grond.

De droom van vannacht duikt op. In de slaapkamer van mijn vader maakt mijn moeder zich op. Ze draagt hoge hakken en een zwarte jurk. Terwijl ze haar lippen stift vertelt ze mij dat ze bij mijn vader weggaat. Ik bekijk hoe ze rouge op haar wangen smeert, eerst wat op het midden van haar wang, dan wat op haar jukbeenderen, en vraag, alweer?

In hoek van mijn kamer zie ik mijn sandalen liggen. Ik pak ze op en trek ze aan.